Landelijke Vereniging van Arbeidsongeschikten
 


De WIA in het kort

  • Geldt de WIA ook voor mij?
  • Wat is arbeidsongeschiktheid?
  • Arbeidsongeschiktheid volgens de WIA
  • Volledige of gedeeltelijk arbeidsongeschikt
  • Heb ik recht op een WIA-uitkering?
  • Volledig arbeidsongeschikt en geen of weinig kans op herstel
  • Volledig arbeidsongeschikt maar met kans op herstel
  • Gedeeltelijk (maar tenminste 35%) arbeidsongeschikt
  • Van wie krijg ik de uitkering?
  • Rechten en plichten

WIA in het kort

Op 1 januari 2006 werd een nieuwe arbeidsongeschiktheidswet van kracht: de wet Werk en Inkomen naar Arbeidsvermogen (WIA). De WIA is in de plaats gekomen van de WAO.

Geldt de WIA ook voor mij?

De WIA geldt voor iedereen die op of na 1 januari 2006 aanspraak maakt op een arbeidsongeschiktheidsuitkering. Om aanspraak te kunnen maken op de WIA moet u daarom op of na 1 januari 2004 ziek zijn geworden en gedurende 2 jaar (104 weken) zijn gebleven.

Let op!

Had u minder dan 5 jaar geleden een WAO-uitkering, dan kan het zijn dat u niet onder de WIA valt maar onder de WAO. Dat geldt ook als u nog een gedeeltelijke WAO-uitkering heeft. Zie voor meer informatie Voor meer informatie: klik hier.

De WIA regelt een uitkering bij arbeidsongeschiktheid maar ook hulp om weer aan het werk te komen, te reïntegreren.

Aanvragen van een WIA-uitkering

U moet altijd zélf de WIA-uitkering aanvragen.

U doet dat bij het UWV, het Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen. Uw werkgever kan u vertellen hoe u dat moet doen en waar u dan moet zijn.

Voor meer informatie en tips daarover: Klik hier .

Let op!

De meeste werkgevers hebben arbeidsongeschiktheidsuitkeringen verzekerd via het UWV. Uw werkgever kan de verzekering ook hebben afgesloten bij een verzekeringsmaatschappij. Als dat zo is moet u de aanvrage tóch indienen bij het UWV.

Wat is arbeidsongeschiktheid?

Arbeidsongeschiktheid is niet hetzelfde als de ziekte of de handicap. Arbeidsongeschiktheid heeft te maken met uw mogelijkheden om te werken. Met andere woorden, een bepaalde ziekte of een bepaalde handicap geeft niet automatisch recht op een uitkering. We zullen dat hieronder verder uitleggen.

Als u wegens ziekte of handicap uw werk niet kunt doen, wil dat niet altijd zeggen dat u geen ander werk zou kunnen doen. Als u bijvoorbeeld na een auto-ongeluk aan een rolstoel gebonden bent, kunt u geen staand werk doen maar waarschijnlijk wel zittend werk. Het is dus niet zo dat iedereen die ziek is of gehandicapt automatisch ook arbeidsongeschikt is. Een kantoor-medewerker die bijvoorbeeld in een rolstoel is beland, zou na enkele aanpassingen zijn oude werk gewoon weer kunnen oppakken. Iemand die depressief is kan soms, bijvoorbeeld met flexibele werktijden, nog goed functioneren.

In geval van ziekte of handicap bent u daarom (wettelijk) verplicht om mee te werken aan aanpassing van uw werk of werkomstandigheden. Als u op die manier uw eigen werk niet kunt blijven doen, bent u verplicht om ander werk te zoeken en te aanvaarden. Uw werkgever moet u daarbij helpen. Meer informatie: klik hier .

Arbeidsongeschiktheid volgens de WIA

In de WIA is dat eigenlijk niet veel anders. Om te bepalen of u recht heeft op een WIA-uitkering wordt niet alleen gekeken of u uw eigen werk nog kunt doen maar ook of u nog andere werkzaamheden zou kunnen verrichten.

U wordt daarom niet alleen medisch beoordeeld maar er wordt ook gekeken welk werk u, ondanks uw aandoening nog zou kunnen doen. Met andere woorden, de WIA-beoordeling heeft een medisch gedeelte en een arbeidskundig gedeelte. Nadat is vastgesteld of u nog werkzaamheden zou kunnen verrichten wordt bekeken wat u daarmee zou kunnen verdienen. Met andere woorden, er wordt vastgesteld wat uw capaciteit is om met werk nog inkomen te verdienen . Dat heet uw verdiencapaciteit .

Let op!

Het is niet zo dat u het werk ook echt moet doen, alleen het feit dat u het zou kunnen is al voldoende.

Het UWV moet daarvoor enkele functies selecteren die u, ondanks uw beperkingen, zou kunnen uitoefenen. Het UWV hoeft niet te bewijzen dat er vacatures zijn of dat u dat werk ook echt kunt krijgen.

Volledige of gedeeltelijk arbeidsongeschikt

Met het vaststellen van uw verdiencapaciteit is bepaald hoeveel u (in theorie) nog zou kunnen verdienen. Uw verdiencapaciteit wordt daarna vergeleken met uw oude loon. Het verschil bepaalt de mate van arbeidsongeschiktheid. Dat wordt uitgedrukt in procenten.

Voorbeeld

Mijnheer Jansen verdiende 3000 euro voordat hij ziek werd. Het UWV heeft vastgesteld dat hij, ondanks zijn aandoening, met ander werk (in theorie) nog 1500 euro zou kunnen verdienen (zijn verdiencapaciteit ). Mijnheer Jansen heeft dan een verlies aan verdienmogelijkheid van 3000 – 1500 = 1500 euro. Hij kan dus de helft, of 50%, van zijn oude loon niet meer verdienen. Mijnheer Jansen is dan 50% arbeidsongeschikt.

Als u volgens het UWV minder dan 20% van uw oude loon zou kunnen verdienen, hebt u een verlies aan verdiencapaciteit van meer dan 80%. U bent dan meer dan 80% arbeidsongeschikt. Als u ten minste 80% arbeidsongeschikt bent heet dat volledig arbeidsongeschikt .

Als u volgens het UWV meer dan 20% van uw oude loon zou kunnen verdienen bent u minder dan 80% arbeidsongeschikt. Dat heet gedeeltelijk arbeidsongeschikt .

Het maakt voor uw recht op een WIA-uitkering veel verschil of u volledig arbeidsongeschikt bent of gedeeltelijk arbeidsongeschikt .

Heb ik recht op een WIA-uitkering?

Om recht te hebben op een WIA-uitkering moet u ten minste 35% arbeidsongeschikt zijn.

Let op!

Als u minder dan 35% arbeidsongeschikt wordt verklaard, gaat men er van uit dat u in dienst blijft bij uw werkgever of op zoek gaat naar ander werk. Als u geen werk heeft, kunt u wel in aanmerking komen voor een WW-uitkering.

Voor wie méér dan 35% arbeidsongeschikt is heeft de WIA twee verschillende uitkeringsregelingen:

•  De IVA (regeling Inkomensvoorziening Volledig Arbeidsongeschikten)

•  De WGA (regeling Werkhervatting Gedeeltelijk Arbeidsgeschikten)

Om te bepalen op welke regeling u een beroep kunt doen, zal het UWV bekijken welke van de drie volgende situaties op u van toepassing is.

1. U bent volledig arbeidsongeschikt en er is geen of weinig kans op herstel

In dat geval hebt u recht op een IVA-uitkering van 70% van het loon dat u verdiende voor u ziek werd. Deze uitkering kan maximaal doorlopen totdat u 65 jaar wordt. U wordt niet meer opnieuw gekeurd, tenzij er (tegen de verwachting in) medisch herstel optreedt of dat u in de praktijk bewijst dat u toch in staat bent om op de normale arbeidsmarkt meer dan 20% van uw oude loon te verdienen.

Let op!

Als het UWV bij de beoordeling heeft vastgesteld dat er twijfel is over de vraag of er nog uitzicht is op herstel, dan wordt u de eerste vijf jaar jaarlijks opnieuw gekeurd. Als uw situatie onveranderd is, blijft uw IVA-uitkering gewoon doorlopen. Als er sprake is van (enig) herstel, dan wordt uw IVA-uitkering gestopt. U hebt dan waarschijnlijk nog wel recht op een WGA-uitkering (zie hieronder bij 2 of 3).

2.U bent volledig arbeidsongeschikt maar er is kans op herstel

In dat geval hebt u recht op een WGA-uitkering van 70% van het loon dat u verdiende voor u ziek werd.

Omdat er kans bestaat dat u geheel of gedeeltelijk herstelt, zal het UWV u van tijd tot tijd oproepen voor een herbeoordeling. Als uw situatie onveranderd is, blijft uw uitkering gewoon doorlopen. Als er verbetering is opgetreden kan dat gevolgen hebben voor uw uitkering. Als u gedeeltelijk arbeidsongeschikt wordt verklaard, hebt u mogelijk nog recht op een andere WGA-uitkering (zie hieronder bij 3). Het kan ook zijn dat u het recht op een arbeidsongeschiktheidsuitkering verliest omdat u minder dan 35% arbeidsongeschikt bent of volledig geschikt wordt verklaard voor arbeid.

3.U bent gedeeltelijk (maar tenminste 35%) arbeidsongeschikt

In dat geval hebt u recht op een WGA-uitkering. De hoogte daarvan is afhankelijk van de vraag of u naast uw uitkering inkomen hebt uit arbeid en hoe hoog dat inkomen is.

Omdat u gedeeltelijk arbeidsongeschikt bent hebt u de plicht om uw best te doen weer aan het werk te komen en ook om te solliciteren.

Als uw medische of inkomenssituatie verandert kunt u worden opgeroepen voor een herbeoordeling.

Voor meer informatie over de WIA-uitkeringen: klik hier

Let op!

Het recht op een WIA-uitkering is niet afhankelijk van het eventuele inkomen van uw partner. U hebt een persoonlijk verzekerd recht als werknemer. U hebt dus recht op een uitkering als u persoonlijk aan hier boven genoemde criteria voldoet.

Let op!

Bij de loongerelateerd uitkering is altijd sprake van een maximum loon dat verzekerd is. Over het bedrag dat u meer verdiende krijgt u geen uitkering.

Van wie krijg ik de uitkering?

De IVA-uitkering wordt altijd uitbetaald door het UWV.

De WGA-uitkering wordt meestal uitbetaald door het UWV maar het kan ook zijn dat uw werkgever dat doet. Dat laatste is het geval als uw werkgever er voor heeft gekozen om het risico van de WGA-uitkering zelf te dragen. Meestal zal hij dat risico dan verzekeren bij een private verzekeringsmaatschappij. Uw werkgever kan u daarover inlichten.

Rechten en plichten

In de WIA is geregeld dat u rechten heeft maar ook plichten. Dat geldt niet alleen voor u maar ook voor uw werkgever en voor het UWV.

We zullen hier een paar belangrijke punten noemen waar u rekening mee kunt houden.

  • Als u een WGA-uitkering heeft dan hebt u recht op ondersteuning bij uw reïntegratie. Van wie u die ondersteuning kunt krijgen hangt af van de volgende situaties. Als uw werkgever het risico bij het UWV onderbrengt dan ontvangt u uw uitkering van het UWV en is het UWV verantwoordelijk voor uw reïntegratie. Als uw werkgever zelf het risico draagt en u wordt gedeeltelijk arbeidsongeschikt, dan betaalt hij een aantal jaren zelf uw uitkering en is hij al die tijd zelf verantwoordelijk voor hulp bij uw reïntegratie. Voor meer informatie: klik hier
  • Volgens de WIA bent u verplicht om uw herstel zoveel mogelijk te bevorderen en zoveel mogelijk te voorkomen dat uw gezondheid achteruit gaat. Dat wil niet zeggen dat het UWV of uw werkgever u kunnen verplichten om bepaalde medicatie te nemen of een bepaalde therapie te volgen; ook niet als die in de reguliere geneeskunde gebruikelijk zijn. U moet wel kunnen aantonen dat u zich echt inspant om te herstellen. Een bezoekje aan de huisarts is niet voldoende. Het is verstandig specialistische behandeling te zoeken. Voor de gebruikelijke aanpak bij psychische klachten klik hier . Als u van plan bent om een, voor uw gezondheid risicovolle sport uit te gaan oefenen of als u van plan bent om, vrijwillige of betaalde, werkzaamheden te gaan verrichten die uw gezondheid verder kunnen schaden, doet u er goed aan om daarvoor toestemming te vragen.
  • Volgens de WIA bent u verplicht om alles te melden wat van invloed kan zijn op uw uitkeringsrecht of de hoogte van uw uitkering. Dat geldt bijvoorbeeld voor veranderingen in uw gezondheidstoestand, het resultaat van een therapie of een operatie, maar ook voor (veranderingen in) inkomen uit arbeid.
  • Het UWV kan een boete of een korting van uw uitkering opleggen (een sanctie). In ernstige gevallen kan het UWV uw uitkering zelfs stopzetten. Het UWV kan bijvoorbeeld een sanctie opleggen als u zich niet voldoende inspant om weer (gedeeltelijk) aan het werk te komen of als u belangrijke informatie over uw gezondheid achterhoudt. Heeft uw werkgever er voor gekozen om zelf het risico te dragen, dan heeft hij ook de bevoegdheid een sanctie op te leggen. 
  • Beslissingen van het UWV vallen onder de bepalingen van de Algemene Wet Bestuursrecht. Dit betekent o.a. dat het UWV de beslissing over uw uitkering of over het opleggen van een sanctie zorgvuldig moet motiveren. Bovendien is het UWV gebonden aan termijnen waarbinnen een beslissing moet worden genomen. Ook sancties die door uw werkgever worden opgelegd vallen onder de bepalingen van de Algemene Wet Bestuursrecht.
  • U hebt het recht om bezwaar te maken tegen zo'n beslissing.

Bij een beslissing van het UWV gaat u in bezwaar bij het UWV. Het UWV heeft al een bezwaarprocedure. U wordt daar standaard bij elke beslissing op gewezen.

Bij een beslissing van uw werkgever gaat u in bezwaar bij uw werkgever. Uw werkgever moet daarvoor zelf een bezwaarprocedure inrichten.

Uw werkgever of het UWV moeten een formele uitspraak doen over uw bezwaar en u daarvan schriftelijk in kennis stellen. Als u het niet eens bent met die uitspraak, kunt u daartegen in beroep gaan bij de rechtbank. Voor meer informatie: klik hier.

•  U hebt bij het UWV het recht om uw dossier in te zien. U moet hiervoor een afspraak maken met het UWV. Bovendien mag u wijzigingen aanbrengen als iets niet klopt of niet compleet is. Dat wil zeggen dat het UWV uw opmerkingen als aanvulling zal opnemen in het dossier. Als u in bezwaar en beroep gaat, kunnen u of uw vertegenwoordiger (een hulpverlener of advocaat) een kopie van uw dossier opvragen.

•  Als u klachten heeft over de behandeling door het UWV, de gang van zaken, het gebrek aan informatie of hoe u bent bejegend, kan kunt u een klacht indienen. Voor meer informatie . klik hier  

Aanmelden
Bestuurlogin

Gebruikersnaam

Wachtwoord

Onthoud mij

Zoeken
Zoekopdracht
Zoek
Uitgebreid zoeken